©Luc Roymans Photography

Wonen in een duurzame serre: de allereerste autonome bio-ecologische kaswoning

Sinds 2019 leeft architect Koen Vandewalle samen met zijn gezin in een autonome bio-ecologische kaswoning, de eerste in haar soort. Aangezien het letterlijk in een serrevormige constructie ingebedde huis zelfs niet aangesloten is op het drinkwateren rioleringsnet, vormt het een tekenend voorbeeld van de Kaseco-filosofie.

Een bijzonder aangename woonplaats creëren, met een minieme ecologische impact: het kan, bewijst Kaseco met dit pioniersproject in het West-Vlaamse Rekkem. Zo onafhankelijk mogelijk zijn van allerhande nutsvoorzieningen, is een van de voornaamste streefdoelen binnen het ambitieuze woningconcept en wordt nagestreefd met een innovatief systeem van waterrecuperatie en door de zon als duurzame energiebron te gebruiken.


Daarnaast bestaat zowel het huis als de kas errond uit bio-ecologische of minstens demonteerbare materialen, want tijdens het bouwproces worden de principes van cradle to cradle en circulariteit steevast omarmd. Zo gaat het onder meer om een houten constructie met afbreekbare lijmen, een kuip en een vloerplaat uit gerecycleerd beton en losgeplaatste isolatiematerialen. De kas kan bovendien integraal weggenomen en heropgebouwd worden.

Waterbeschikbaarheid enorm

Visueel vormt de zogenaamde dubbele huid van het geheel – de serre en de wanden van het woonhuis binnenin – logischerwijs de grootste aandachtstrekker, maar vooral de door Kaseco aangewende watertechnieken hebben een bijzonder inspirerend karakter. Dat de waterbeschikbaarheid dankzij de grote omvang van de kas enorm is, komt de gewenste onafhankelijkheid van de nutsvoorzieningen uiteraard alleen maar ten goede.

De Kaseco-filosofie kent verschillende gradaties, gaande van een minimaal regenwaterhergebruik volgens de wettelijke verplichtingen tot een volledig waterneutraal systeem. Aan de rechterkant van dat continuüm is de woning niet verbonden met het rioleringsnet: het afvalwater wordt ingezameld, lokaal gezuiverd en geloosd in nabijgelegen oppervlaktewater. Waar bij andere realisaties binnen dit woonconcept leidingwater zal voorzien worden op minstens één aftakpunt in zowel de keuken als de badkamer, is het huis in Rekkem zelfs ontworpen zonder aansluiting op het openbaar drinkwaternet.

KASECO: DE ALLEREERSTE AUTONOME BIO-ECOLOGISCHE KASWONING, WONEN IN EEN DUURZAME SERRE
©Luc Roymans Photography

Innovatieve watertechnieken

Deze volkomen autonome kaswoning van architect Koen Vandewalle toont als paradepaardje uit de Kaseco-stal perfect aan hoe de innovatieve watertechnieken in de praktijk tot uiting kunnen komen. Naast het gebouw bevinden zich drie in serie geplaatste regenwaterputten met elk een volume van 20.000 liter. Die opslagplaatsen worden niet rechtstreeks gevuld: het vele opgevangen regenwater sijpelt door via een lavafilter met rietaanplantingen. Met het oog op een goede waterkwaliteit is in de laatste put nog een silicaatwandfilter voorzien en vindt in de technische ruimte een derde en laatste stap in de voorzuivering plaats.

Het afvalwater vloeit naar een septische tank en wordt van daaruit via een krachtige pomp overgeheveld naar een ‘percolatieveld’. Daar staat een volledige bloemenborder in voor de zuivering van het water, dat uiteindelijk wegloopt naar een beek in de buurt. Zo wordt het water meteen ook lokaal teruggegeven aan de natuur.

Energie

Het dak van de kas telt heel wat zonnepanelen. In Rekkem, vlakbij de grens met Frankrijk, koos de architect als opslagmethode voor een zoutwaterbatterij zonder schadelijke bijproducten. Het gros van het energieverbruik zit in het verwarmen van het sanitair warm water (met een warmtepomp) en de koeling van de woning in de zomer (met een lucht-luchtwarmtepomp).

KASECO: DE ALLEREERSTE AUTONOME BIO-ECOLOGISCHE KASWONING, WONEN IN EEN DUURZAME SERRE
©Luc Roymans Photography

Het bijverwarmen van het gebouw in de winter is marginaal. Omdat het in dit geval om een zevenkoppig gezin gaat, is er op jaarbasis net niet genoeg energie om volledig autonoom te zijn, maar bij een gemiddelde bezettingsgraad liggen de kaarten anders en is de potentiële energiewinst aanzienlijk. Volledig energie-onafhankelijk worden met zonnepalen is echter niet haalbaar door het gebrek aan zon in de wintermaanden. Kaseco onderzoekt momenteel hoe de energiebehoefte – en dus de eventuele afhankelijkheid van nutsvoorzieningen – nog kan dalen in zulke kaswoningen. In het op punt stellen van de temperatuur in zowel het huis als de binnentuin, spelen ook de beplanting en de aanwezige biodiversiteit een rol, naast natuurlijk de in het bouwproces gehanteerde ecologische (isolatie)materialen.

De architect onderzocht ook de meerwaarde van een zonneboiler. Door de talrijke zonnepanelen bleek die in deze proefopstelling eigenlijk niet nodig te zijn.

Kostenplaatje

Wat het prijskaartje van een kaswoning betreft, spelen twee elementen een rol: er is enerzijds de lagere kostprijs die gepaard gaat met de afwerking van zo’n bio-ecologisch pand, en anderzijds zijn er de extra benodigde middelen voor de bouw van de serrevormige constructie. In totaal kom je zo uit bij een netto meerprijs van 60.000 tot 90.000 euro, afhankelijk van de afmetingen van de woning.

De investeringskosten voor de opslag en de verwerking van regenwater bestaan uit verschillende facetten. Voor de grote waterputten moet je per stuk ongeveer 2.000 euro neerleggen en de filters vragen een budget van zo’n 1.000 euro. Het is wel belangrijk om die kosten goed te nuanceren: het is vandaag hoe dan ook verplicht om over een waterput te beschikken, en wie gebruikmaakt van hemelwater heeft natuurlijk minder – of geen, zoals in Rekkem – water van het net nodig.

Verder mag je ook de onderhoudskosten in functie van de regenwatervoorzieningen en -zuivering niet uit het oog verliezen, want de filters, pompen en andere onderdelen van het waterrecuperatiesysteem moeten vanzelfsprekend steeds naar behoren blijven werken. Ook het vereiste tuinonderhoud is hier dankzij de innovatieve watertechnieken nauw mee verbonden, en dan is er ook nog de schoonmaak van de serre, die tweemaal per jaar zo’n twee dagen in beslag neemt.

Schaalvergroting

Het is intussen duidelijk dat Kaseco meer is dan één innovatieve woning van een West-Vlaamse pionier. Het is een filosofie en een toekomstbestendige bouwstijl die idealiter almaar breder gedragen wordt. Het is dan ook fijn om te weten dat hetzelfde concept vandaag ook tot uitvoering gebracht wordt in Bredene en Court-Saint-Etienne en op andere locaties in een voorbereidende fase zit. Elders experimenteren innovatieve geesten dan weer met semikaswoningen en kaswoningen als aanbouw.

Particuliere bio-ecologische kaswoningen zijn dus aan een opmars bezig, maar de schaal zou ook uitgebreid kunnen worden naar bedrijvenzones en wijken. Zeker het waterverhaal kan in theorie perfect ontplooid worden op wijkniveau. Al blijken er ook met betrekking tot die opschaling wel wat knelpunten op de voorgrond te treden…

Knelpunten

In de eerste plaats kan er sprake zijn van een aantal juridische hindernissen. Zo laten de bouwvoorschriften het in sommige gevallen niet toe om een kaswoning op te trekken. Daarnaast is er het vraagstuk van de voorzijde van het gebouw: is dat de rand van de kas, of toch die van het huis zelf? En in centraal gebied (waar een riolering in de straat is aangelegd) is een aansluiting op het rioleringsnet verplicht, terwijl het gebrek daaraan net een van de wezenskenmerken van het Kaseco-woningconcept uitmaakt.

Gezond water kunnen garanderen, is eveneens een cruciaal aandachts- en potentieel knelpunt. Een rapport van de UGent wees in dat licht op de ondermaatse microbiologische kwaliteit van het zelf geproduceerde water in Rekkem. Om in dat kader de nodige stappen vooruit te zetten, wordt overwogen om met zoutelektrolyse en een chloorfilter of een UV-lamp te werken.

Gelinkt aan het vraagstuk rond de voorgevel van de kaswoning, moeten ook enkele brandtechnische knelpunten vermeld worden. Vooral wat compartimentering en de noodzakelijke brandluiken betreft, stellen zich een aantal problemen. Hoewel de brandweer bij een van de projecten op dat vlak toelating verleende – want de serre heeft ontrokingsluiken – nemen de hulpdiensten door een gebrek aan kennis over dit nieuwe systeem doorgaans nog een weifelende houding aan. En natuurlijk blijft het ook een uitdaging om mensen mee te krijgen in dit vernieuwende verhaal. Goed communiceren en hen vanaf dag één betrekken bij het experiment, is daarom essentieel.


Tekst: Wout Ectors, SPYKE
Beeldmateriaal: Luc Roymans Photography